Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie - VVIA
VVIA-e-nieuwsbrief
2007, nr 1

Inhoud van deze nieuwsbrief:

Deze e-nieuwsbrief wordt gratis rondgezonden aan leden en sympathisanten van de Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie vzw.
U kunt onze werking ook steunen door lid te worden van de vereniging.
Alle informatie daarover vindt U op onze website

terug - return back to homepage  VVIA / Flemish Association for Industrial Archaeology

 

 


 

 

Uitdagingen voor de VVIA
Dit jaar en komende jaren wordt een periode van grote uitdagingen voor de VVIA.
In 2007 zullen wij langzamerhand ons nieuw centrum operationeel maken in de voormalige elektriciteitscentrale van Zwevegem. Onze bibliotheek en documentatiecentrum (in totaal zo'n 30 ton boeken en tijdschriften) is intussen reeds van verschillende plekken naar een voorlopige plek in dit gebouw overgebracht. Er moeten nu nog een heleboel bouwfysische, restauratie- en opruimingswerken gebeuren in de ruimte die ons toegewezen werd voordat we - hopelijk later dit jaar - heel het boekengewicht naar de definitieve plek kunnen overbrengen.
In 2008 bestaat de VVIA dertig jaar. Er wordt nu al gehersenstormd over wat we volgend jaar gaan doen om ons derde lustrum niet ongemerkt te laten voorbij gaan - en alle ideeën van onze leden en sympathisanten zijn uiteraard welkom.
In 2009 is VVIA twintig jaar verbroederd met onze Catalaanse collegae van de Associació del Museu de la Ciència i de la Tècnica i d´Arqueologia Industrial de Catalunya - die op haar beurt aan de basis lag van de oprichting van E-FAITH en ook van een hele reeks persoonlijke vriendschappen. Ook daar willen we de nodige andacht aan besteden, met een aantal gezamelijke activiteiten en zeker een VVIA-reis naar Catalonië.

Omdat tijdens voorbije maanden een paar actieve medewerkers hun activiteiten sterk moesten terugschroeven omwille van familiale en gezondheidsredenen, zijn we nu op zoek naar vrijwilligers die het VVIA-team willen versterken. We zoeken zowel doeners als denkers - mensen die mee willen denken over projecten, die kleine (of grotere) taken willen opnemen, die via de VVIA een stukje van hun ideeën in de praktijk willen toepassen of tot realiteit omzetten.
Ze kunnen zich gewoon aanmelden voor losse medewerker, maar kunnen ook een
effectief lidmaatschap opnemen - ofwel ten persoonlijke titel ofwel namens hun vereniging.

Mocht U belangstelling hebben om een handje toe te steken, neem dan even
contact op

Lidgeld
VVIA is nog steeds niet gesubsidieerd door de overheid. Uw lidgeld en Uw steun zijn daarom des te noodzakelijker om onze projecten te kunnen waar maken, en om verder te timmeren aan de studie, het behoud en de ontsluiting van het industrieel en technisch erfgoed in Vlaanderen.
Mocht U Uw lidgeld voor 2007 nog niet betaald hebben, dan kan dat nu nog steeds - informatie, tarieven en onze rekeningnummers vindt U op
onze website onder 'lid worden'.
Met dank !!!


naar boven


Brownfields
Uit de beslissingen van de Vlaamse Regering van vrijdag 8 december 2006:
"Op voorstel van minister Dirk Van Mechelen
Na advies van de Raad van State hecht de Vlaamse Regering haar definitieve goedkeuring aan het ontwerpdecreet over Brownfieldconvenanten. Vlaanderen heeft enerzijds nood aan duurzame bedrijventerreinen en aan terreinen voor huisvesting, recreatie, natuur, enzovoort, terwijl anderzijds een aantal gebieden die vroeger werden gebruikt voor industriële of commerciële doeleinden er nu verlaten bijliggen. Die braakliggende of onderbenutte terreinen (brownfields) hebben een potentieel voor hergebruik, maar de herontwikkelingskosten zijn vaak aanzienlijk, waardoor deze gronden door investeerders en projectontwikkleaars worden genegeerd. Het voorliggende decreet biedt nu een grondslag voor de totstandkoming van convenanten tussen de Vlaamse Regering enerzijds en private en/of publieke partners anderzijds die de herontwikkeling van Brownfields tot doel hebben. Het afsluiten van dergelijke brownfieldconvenanten met de Vlaamse overheid biedt allerhande juridisch-administratieve en financiële faciliteiten. Deze voordelen moeten de ontwikkeling van Brownfieldprojecten aantrekkelijker maken voor investeerders en projectontwikkelaars. Het ontwerpdecreet wordt ingediend bij het Vlaams Parlement."


naar boven


Fusietraject erfgoedsteunpunten
Minister van Cultuur Bert Anciaux heeft beslist om tegen 1 januari 2008 beide erfgoedsteunpunten (Culturele Biografie Vlaanderen vzw en het Vlaams Centrum voor Volkscultuur vzw) te fusioneren. Het doel is te komen tot "één performant steunpunt voor de hele cultureel erfgoedsector" (cit. en sic). Begin februari werd het fusietraject opgestart. Hiermee wordt een volgende stap gezet naar de pyramidale structuur voor de erfgoedsector, gedacht door en ten dienste van minister en overheid.
Voor meer informatie kan u terecht bij
dit e-mail adres


naar boven


Restauratie van een serre in Hoegaarden
De vzw Tuinen van Hoegaarden ontving dit jaar de Hans Vredeman de Vriesprijs. De prijs ter waarde van 6000 euro wordt besteed aan de restauratie van de neogotische 19de eeuwse druivenserre in het Kapittelpark te Hoegaarden. De restauratie van het ijzer- en smeedwerk zal de serre opnieuw in haar oorspronkelijke staat herstellen en zal het uitzicht van de hele tuin verfraaiien.


naar boven


De brokstukken van een station in Halle
In vroegere afleveringen van de e-nieuwsbrief werd reeds ingegaan op het 'gedemonteerde' station van Halle. De Halse groendienst maakte nu met een reeks gerecupereerde brokstukken een kunstwerkje op het verkeerseilandje midden op het Possozplein. Eerder dit jaar kregen ornamenten van het oud station ook al een plaats op het Stationsplein in Halle. Tientallen waardevolle ornamenten in blauwe hardsteen werden hiervoor uitgezocht en schoon gemaakt. De ornamenten werden gedeeltelijk in de plaats gezet van de gewone betonnen zuiltjes die verhinderen dat wagens op het plein rijden.


naar boven


Gerardsmolen te Wippelgem
Er is een storm van protest losgebroken tegen de bouw van een groot appartementsgebouw aan de oostzijde van de stenen bergmolen van Wippelgem (zie ook de beschrijving in het Belgisch Molenbestand). Daardoor komt het windrecht van de molen in het gevaar.
De molen werd in 1986 grondig gerestaureerd en kreeg
begin 2003 nog een uitgebreide onderhoudsbeurt. Sedert 1994 is de molen in concessie gegeven aan de aktieve vzw Gerardsmolen, die de molen regelmatig laat draaien en die instaat voor de openstelling van het monument.
Buurtbewoners, onder leiding van Lutgard De Causmaecker, en de molenaars  verzetten zich tegen de bouwplannen en
verzamelden reeds een goeie 500 handtekeningen tegen de bouwplannen. Rik De Baerdemaeker van de vzw Gerardsmolen zegt: ,,De oostenwind is een aangename, gestage wind, zonder stoten, wat het goed werken maakt. Omdat het gebouw in volume zal verdubbelen en er een groot dak bijkomt, zal dat zeker gevolgen hebben op het maalvaardig zijn. Eerst maakt de gemeente de molen maalvaardig en laten ze die restaureren, dan kunnen ze nu toch geen bouwvergunning afleveren? De goede werking van één van de belangrijkste Evergemse monumenten komt in het gedrang. (...) Een molen die niet kan malen, is een dode molen.''
Intussen is het dorp blijkbaar in twee kampen verdeeld.
Een aantal handelaars en uiteraard de immobiliënpromotor verwijten de molenliefhebbers dat zij het dorp willen bevriezen en daardoor doen uitsterven. De bewoners van de appartementen zien zij immers als welgekomen klanten voor hun negocie.
Toch kwam er alvast een kink in de kabel voor de bouw van de appartementen - niet zozeer door de petitie van de buurtbewoners, maar doordat de officiële aanplakbrief voor de bouwaanvraag verdween of niet geafficheerd was op de plek waar de appartementen zouden komen.
Wie de vzw Gerardsmolen op één of andere manier wil helpen kan per e-mail contact opnemen met de
vzw Gerardsmolen, of met Rik De Baerdemaeker


naar boven


Bodemonderzoek voor de voormalige haarsnijderijen in Lokeren   
De typische nijverheid van Lokeren waren de
'haarsnijderijen',  het verwerken van (konijnen)haar voor de productie van vilt. Hierbij werden heelwat milieuschadelijke stoffen gebruikt.
Zopas rondde de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) het oriënterend bodemonderzoek af van de voormalige haarsnijderijen in het centrum van Lokeren. Dit werd opgedragen bij
ministerieel besluit van 3 november 2005, als uitvoering van het besluit van 25 augustus 2005 waarin de « Woonzone Voormalige haarsnijderijen Lokeren » als site wordt vastgesteld, overeenkomstig artikel 47ter van het Bodemsaneringsdecreet. Hiermee was Lokeren één van de eerste steden in Vlaanderen waar een dergelijk onderzoek opgedragen en uitgevoerd werd.
Voor de 27 locaties in de binnenstad van Lokeren is het oriënterend bodemonderzoek nu afgerond. Hiertoe werden op elke locatie een aantal stalen genomen van de grond en grondwater. De stalen werden geanalyseerd op de mogelijke historische verontreiniging afkomstig van de haarsnijderijen.
Voor slechts 7 locaties komt geen historische bodemverontreiniging voor, of zijn vastgestelde concentraties dermate klein dat verder
onderzoek niet aangewezen is. Voor deze percelen is het bodemonderzoek afgerond en levert de OVAM eerstdaags het bodemattest
af.
Op de 20 overige locaties is er voornamelijk bodemverontreiniging met kwik aangetroffen. Omdat de overschrijdingen van de
bodemsaneringsnorm veelal beperkt zijn en de bodemverontreiniging niet aan de oppervlakte komt, dienen geen voorzorgsmaatregelen
genomen te worden. Wel zal de OVAM hier de aangetroffen bodemverontreiniging met behulp van bijkomende boringen afperken en
een uitgebreide risico-analyse opstellen die duidelijkheid zal geven over de al dan niet noodzaak van een sanering. Voor de uitvoering van
dit beschrijvend bodemonderzoek heeft de OVAM de opdracht gegeven aan de TV Technum-Rimeco. Het terreinwerk wordt voorzien voor de maanden mei en juni 2007. Alle betrokken bewoners en eigenaars zijn aangeschreven om hen van de verdere stappen in het bodemonderzoek op de hoogte te brengen.
Op sommige locaties komt ook kwik voor in het grondwater. Omdat kwik eerder de neiging heeft zich vast te zetten op de bodemdeeltjes, zijn de concentraties aan kwik in het grondwater over het algemeen lager. Op enkele plaatsen is kwik niet de enige parameter en komt ook verontreiniging voor met andere zware metalen, PAK (polyaromatische koolwaterstoffen), minerale olie en VOCl (vluchtige organische chloorverbindingen). Op sommige locaties is de herkomst van deze stoffen nog niet met zekerheid aangetoond. Ook recentere bedrijvigheden kunnen hiervan aan de oorzaak liggen. Deze verontreinigingen zijn ook vrij beperkt en er dienen geen
voorzorgsmaatregelen voor genomen te worden.
Wie meer informatie wil, kan ook altijd terecht op de infolijn van de OVAM op het nummer 015/284 458 of e-mailen naar
ovam@woonzones.be. Extra informatie wordt tenslotte aangeboden op de webstek  www.lokeren.woonzones.be. Op deze webstek is een plan opgenomen waarop alle sites die deel uitmaken van het woonzoneproject ‘Voormalige haarsnijderijen te Lokeren’ zijn aangegeven.


naar boven


WALLONIÊ
Kolenwasserij Binche dan toch archiefbewaarplaats ???
In onze e-nieuwsbrief van april brachten wij op basis van teksten van het Waalse gewest een artikel over de herbestemming van de kolenwasserij Van Binche, waarin o.m. een intermediaire archiefbewaarplaats voor het het Algemeen Rijksarchief zou ondergebracht worden. Een maand later moesten wij - op basis van een rechtszetting van dr. Karel Velle, Algemeen Rijksarchivaris - stellen "In kolenwasserij Binche dan toch geen archiefbewaarplaats".
Zopas dwarrelde
'La Lettre du Patrimoine' - officiële publicatie van het Waalse Gewest - in onze brievenbus en tot onze grote verbazing lezen we daarin (p. 21) : "Cet ancien lavoir à charbon va accueillir dans les prochaines années de nouveaux occupants: les Archives générales du Royaume (centre intermédiaire d'archives), l'Institut royal des Sciences naturelles de Belgique (stockage de carottes géologiques et fossiles), [...] A ce jour, 14.000 m² ont d'ores et déjà trouvé preneur; les 6000 m² encore disponibles ont été répartis en huit lots, de 200 à 1200 m² environ, qui pourraient être aménagés pour accueillir des bureaux, PME, HORECA etc." - mocht er iemand in één van deze loten geïntereseerd zijn, dan kan hij/zij steeds contact opnemen met info@triagelavoir.be.
Blijkbaar heeft in het Waalse Gewest niemand het mei-nummer van onze e-nieuwsbrief gelezen...


naar boven


CATALONIË: 
In voorbereiding van het 20-jarig lustrum van de verbroedering tussen de VVIA en de Catalaanse vereniging voor industriële archeologie (1989-2009) brengen wij in elke e-nieuwsbrief een bijdrage over één of ander aspect van het industrieel erfgoed van Catalonië. In dit nummer gaan we in op:

Bier in Catalonië
Omdat in Zuid-Europa fruit meer dan voldoende suikers bevat om rechtstreeks tot alcoholische dranken te vergisten, moet men daar de moeilijke omweg niet volgen via gemout graan en de omzetting van zetmeel tot suikers door diastasen. Wijn maken van druiven, cider van appels,... is eenvoudiger maar kan in onze Noordelijke streken niet. In het zuiden liggen vooral de druiven aan de basis van wijn, congnac, armagnac en soortgenoten, en wijnazijn. Bij ons vormen bier, jeneverf, en graanalcohol het rijtje.
Opmerkelijk is echter dat Catalonië eveneens een rijke biercultuur kent.
Spaanse onderzoekers vermelden dat het verbruik van bier op het Iberische schiereiland ingevoerd werd met de komst van de 'Vlaamse' vorsten, de in Brugge geboren Filips de Schone (1478-1506) en vooral Karel V (cf. Francisco Fero Parrondo:
La industria cervecera en España, in: Annales de Geografiá, 2005, 25, pp. 163-178). Karel V (In Spanje Karel I) liet in elk geval nadat hij zich uit het politieke leven terugtrok een kleine brouwerij installeren in het klooster van Yusto, ten noorden van Cáceres. Ze werd geleid door Enrique (Hendrik, Erik) Van der Trehen, een meester-brouwer uit Vlaanderen, een feit dat recent nog benadrukt werd door de Fundación Academia Europa de Yuste.
Het eerste bier werd in elk geval niet geapprecieerd in Sapnje, en al de eerste producenten waren inwijkelingen. Probleem was ook aan hop te geraken, waar Vlaanderen blijkbaar de exclusiviteit van had.
Bier zou echter in de laatste decennia van de 19de eeuw doorbreken - vermoedelijk als vervanging van wijn nadat de wijnranken vernietigd waren door de uit Amerika afkomstige
phylloxera-parasiet (druifluis). Deze werd in 1863 opgemerkt in de Gard-regio, sloeg vanaf 1872 toe in de Zuid-Franse Roussillon, en bereikte in 1887 de wijnvelden van de Penedès. Noord-Spanje, waar de parasiet hard toegeslagen had gaf bij de oprichting van brouwerijen de toon aan. In Asturië werd in 1893 in Gijón de brouwerij 'La Estrella de Gijón' opgericht door Suardiaz en Bachmaier met uit Duitsland geïmporteerde installaties. Ook andere brouwerijen in dezelfde streek (Oviedo, 1900) maakten gebruik van Duitse uitrusting en know how. In Barcelona werden, naast de brouwerij Damm (1876) voor het einde van de 19de eeuw nog vier andere brouwerijen opgericht. Ook in Zaragoza, Santander, San Sebastián en Sevilla werd bier gebrouwen. In Catalonië zou bier langzamerhand een onderdeel worden van de smaakcultuur, en - opvallend - ontstonden ook een aantal stokerijen die graanalcohol produceerden (daarvan blijven er nu nog een handvol over).

Bier is intussen één van de belangrijkste dranken in Catalonië - je zegt er "cervesa" met een 's' en niet met een 'z'. De regio houdt een aantal oude biertradities in ere, bezit een '
Acadèmia de la Cervesa' (die trouwens van 2 tot 6 april e.k. een studiereis naar Belgische brouwerijen organiseert en op zijn website ook aandacht besteedt aan het overlijden van meester-brouwer Michel Slaghmuylder uit Ninove) en een vereniging CerveArt die zich inzet voor de verspreiding van de kennis van het bier en o.m. cursussen organiseert over het zelf maken van bier en over bier proeven.

Wanneer je van de luchthaven met de bus naar Barcelona rijdt, dan kom je al onmiddellijk langs de grote
Damm-brouwerij met zijn bekende 'Estrella'-bier, gelegen op het grondgebied van de voorstad El Prat del Llobregat. De brouwerij werd in 1876 in het centrum van Barcelona opgericht om toen te beginnen met het brouwen van een bier naar Straatsburgs type, in 1905 verhuisde ze naar een nieuwe brouwerij (La Bohèmia) in de Roselló-straat. In de loop van de tweede helft van vorige eeuw zou Damm langzamerhand andere lokale brouwerijen oplsorpen (o.m. in 1964 deze van Gramenet) en filialen openen in València, Granada, Sevilla, Múrcia, Mallorca en Ceuta. Vanaf 1975 werd gebrouwen in El Prat, waar nu een ultramoderne nieuwe brouwerij staat. Damm is een grootbrouwerij, die in Spanje ook Budweiser in licentie commercialiseert.

Ook in Barcelona vinden we de
brouwerij-mouterij San Miguel  . Deze brouwerij werd in 1946 in Lleida (Lérida) gesticht onder de naam 'La Segarra'. Door allerhande administratieve en andere belemmeringen duurde het tot 1953 voordat de productie kon starten. In 1957 nam men de naam 'San Miguel Fábricas De Cerveza y Malta' aan. In 1966 werd een brouwerij geopend in Málaga en in 1969 een andere in Burgos. In 1970 werd de Compañía Hispano Holandesa de Cerveza overgekocht van de groep Heineken-Unilever. De naam "San Miguel" zou voortkomen van een Filippijnse Augustijner-brouwerij, waarvan de naam en de rechten gekocht werden. Via via kwamen de aandelen in handen van Danone, die ze in 2000 inbracht in de Spaanse brouwerijgroep Mahou. Deze laatste werd in 1899 opgericht door Casimiro Mahou Birhans uit Metz, en bezit nu eveneens brouwerijen in Madrid en Guadalajara. Danone heeft 33% van de aandelen van Mahou in handen.
Een bekend bier van deze brouwerij is de 'San Miguel 1516' (een pilsbier van 5,4°)

Een derde brouwerij in Barcelona is de
Cervezas Moritz, de oudste nog bestaande. In 1851 arriveerde Louis Moritz Trautman in Barcelona om er een thans verdwenen kleine brouwerij te leiden. Moritz was in 1830 geboren in Pfaffenhoffen in de Elzas. In 1858 kocht hij het bedrijf van de oorspronkelijke eigenaar Ernesto Ganivet. Een jaar later startte de uitbreiding van Barcelona volgens de plannen van Ildefons Cerdà, en daardoor kon de brouwer zijn markt natuurlijk uitbreiden. In 1864 werd een grote nieuwe brouwerij opgetrokken aan de Ronda de Sant Antoni, op de grens tussen de oude en de nieuwe stad en vlakbij de Gran Via en de universiteit, op de plaats waar ze nu nog gevestigd is. Moritz baatte toen ook een café uit, eens de oorsprong van FC Barcelona...
Omstreeks de jaren 1970 werd de productie echter stilgelegd, maar in 2004 beslisten de nazaten van de stichter om het oude merk terug in de omloop te brengen.  De oorspronkelijke brouwerij werd, naar plannen van de bekende architect Jean Nouvel, omgevormd tot een ontspannings- en gastronomisch centrum. Het opnieuw lanceren van het oude biermerk is intussen één van de bekendste voorbeelden inzake marketing geworden, én een niet meer weg te denken onderdeel van de Barcelonese cultuur en erfgoed.

Ook op andere plekken vinden we in Catalonië nog sporen van brouwerijen terug.
In Lleida is de zetel van Mahou (waar San Miguel een onderdeel van is). Alhoewel er hier niet meer gebrouwen wordt transformeerde het bedrijf zijn oude gebouwen tot een
Centre d'Interpretació Industrial , een interpretatiecentrum voor de geschiedenis van het bier en de eigen bedrijfsgeschiedenis. In het Frans gedeelte van Catalonië (Catalunya del Norte, de Roussillon of liever de 'Roselló') wordt gebrouwen in La Prade, en in twee brouwerijen in Argeles de la Marenda (Argelès-sur-Mer), w.o. de artisanale Cerveseria Artesanal de les Alberes. Deze laatste werd in 1999 opgericht door Gregor Engler, afstammeling van Henry Koenig die in 1838 de brouwerij "Vieille Verrerie" in  Petite Rosselle (Moesel) oprichten. Zijn erfgenamen bleven deze bedrijvigheid uitoefenen tot begin 1900. Zijn dochter, Elisabeth, was gehuwd met de schooldirecteur van de bekende Wendel-mijnen en lag aan de oorsprong van een lijn ingenieurs - de laatste daarvan was Grégor die in Frans Catalonië in 1999 de oude brouwerstraditie terug zou opnemen. Of hoe een balletje rollen kan...

Daarnaast zijn er in Catalonië een aantal kleine lokale artisanale brouwerijen die vaak een origineel bier maken - sommigen zouden goed op stap kunnen met onze 'Dolle Brouwers' uit Esen. Vermelden we bv. het
"Glops"-bier uit L'Hospitalet de Llobregat, in drie varieteiten, la fumada, la torrada y la negra . Ook microbrouwerijen en café-brouwerijen duiken op, zoals La Cervesera Artesana in de Carrer S. Agustí in het centrum van Barcelona en de Cervesa Artesana i Ca l’Arenys in Valls de Torroella (nabij Barcelona). Vorig jaar werd in Mediona, midden in de bergachtige Penedès-wijnstreek ten westen van Barcelona, de eerste Mostra de la Cervesa Artesanal georganiseerd, samenvallend met de jaarlijkse kunst- en ambachtenmarkt. Een tweede editie is in elk geval gepland voor begin juni 2007 waarop een selectie Belgische bieren zal vertegenwoordigd zijn.
En last but not least is er de Vlaamse kroeg
"Den Zatte Pater" aan het centraal park in Mataró, met meer dan 170 bieren van bij ons. Daarmee is de cirkel rond. Het wankele stapje van Karel V tot zatte paters wordt  hier gezet.

En misschien hebben jullie intussen ook gemerkt dat je in Spanje 18 jaar moet zijn om te mogen surfen op de websites van de verschillende brouwerijen...


naar boven


FRANKRIJK :
Defiscalisatie van oude machines ?
Onze collega's van CILAC signaleren dat er bij het Franse ministerie van Cultuur een besluit ter ondertekening voorligt waarbij oude machines en bedrijfsuitrustingen, die geen productieve functie meer vervullen maar door bedrijven behouden worden om hun erfgoedwaarde, vrijgesteld zouden worden van belastingen. Dit is een gevolg van het rapport inzake industriële architectuur en industrieel erfgoed dat de prefect Loiseau in 1993, dus veertien jaar geleden, opstelde en overhandigde aan de toenmalige minister Jacques Toubon - en dat oorspronkelijk in de schuiven van het ministerie verdween.
Het is alvast een interessante benadering die het behoud van industrieel erfgoed bij nijveraars kan stimuleren. Wij volgen dit op en houden onze lezers op de hoogte van zodra meer geweten is over de aard en de draagwijdte van deze maatregel.


naar boven


GROOT-BRITTANNIE
Steenkool in Noord-Oost Wales
Wij wezen al herhaaldelijk op de voortreffelijke manier waarop de Britse televisie omgaat met geschiedenis en erfgoed - zie o.m. het artikel over de Monumentenstrijd in het mei-nummer van deze nieuwsbrief.
Zopas plaatste BBC Wales in haar sectie 'lokale geschiedenis' een boeiende
website gewijd aan de steenkoolmijnen van Noord-Oost Wales online. De website is grotendeels gebaseerd op de programma's die Jon Gower maakse samen met de historicus Alister Williams. Je vindt op de website algemene informatie en historische achtergronden, de geschiedenis van de belangrijkste uitbatingen, verhalen van mijnrampen, stakingen en oproer, schitterende oude foto's, familievertellingen, geluidsfragmenten, commentaren en aanvullingen van bezoekers van de website,...
Op de toegangspagina vind je ook de links naar andere historische projecten van BBC-Wales.
We vallen in herhaling - maar misschien kan onze VRT hieruit de nodige lering trekken en inspiratie halen...


naar boven


NEDERLAND

2007: Jaar van de molens
Dit jaar is uitgeroepen tot het Jaar van de molen. De Vereniging van de Hollandsche molen wil in 2007 extra aandacht vragen voor deze oerhollandse monumenten. De aftrap van het themajaar vindt plaats in het Noordbrabants Museum in 's Hertogenbosch. In dit museum wordt vanaf 28 januari de tentoonstelling 'Molens: van Rembrandt tot Mondriaan' georganiseerd. De tentoostelling vertelt het verhaal van de molen in de kunst. Verder kunt u schaalmodellen van molens bekijken, ontdekt u de techniek achter de molen uitgelegd en neemt u een kijkje in de toekomst van de molen. De tentoonstelling is aansluitend te zien in Museum Bredius in Den Haag en in het Drents Museum in Assen. Voor meer informatie over het jaar van de molen vindt u op de website www.jaarvandemolen.nl.
Als u meer wilt weten over de Verening de Hollandsche Molen, kijkt u op
www.molens.nl.

Veenendaal - Hollandia-textielfabriek
Binnenkort start de restauratie van de bedrijfspanden van de voormalige Hollandia-textielfabriek aan het Verlaat in Veenendaal. De fabrieksgebouwen staan al 25 jaar leeg en verkeren in erg slechte staat.
Met de restauratie blijft het laatste industriecomplex dat nog herinnert aan de Veenendaalse wolindustrie behouden. Ooit telde Veenendaal vele wolspinnerijen, en vormde daarmee naast de traditionele textielcentra als Tilburg en Twente een belangrijk industriegebied. Een markant onderdeel van de Hollandiafabriek is de gemetselde schoorsteen, die dateert uit 1899. Het jaartal is in gele baksteen op fraaie wijze ingemetseld in de schoorsteenpijp.
Aangezien de 24 meter hoge schoor- steenpijp in zeer slechte staat verkeert, zal de schoorsteen eerst worden gesloopt om daarna weer te worden opgebouwd. Bij deze methode wordt de schoorsteenpijp in zes stukken gezaagd, waarna de delen met een kraan op de grond worden geplaatst. Hier zal het herstel aan het voegwerk plaatsvinden, een klus die wordt uitgevoerd door
schoorsteenbouwer Harm Meijer uit ten Boer (Groningen).
De zaagmethode werd in 2006 voor het eerst toegepast bij een fabrieksschoorsteen van een verffabriek in Sneek. Het herstel van de Hollandia-schoorsteen wordt geraamd op ca. 180.000. De gemeente subsidieert de restauratie met 67.000. De kosten van afbraak en het herplaatsen van de schoorsteen worden gefinancierd door de
projectontwikkelaar BAM Vastgoed.


naar boven


PUBLICATIES
Historische Vaartuigen
De Vlaamse Vereniging tot Behoud van Historische Vaartuigen, VVBHV vzw, verdeelt sinds midden 2006 een nieuwsbrief onder haar aangesloten leden, eigenaars van historische vaartuigen. Om de werking van de vereniging breder kenbaar te maken wil men deze nieuwsbrief ook elektronisch verspreiden onder de andere verenigingen en bij vrijwilligers die zich in Vlaanderen met varend erfgoed bezig houden of er interesse voor hebben. Men hoopt hiermee op termijn de onderlinge contacten te verstevigen en op die manier mee te werken aan een koepel voor het varend erfgoed in Vlaanderen.
Wie die deze nieuwsbrief wenst te ontvangen (10x per jaar is het doel) kan een bericht sturen naar
vvbhv@hotmail.com 
Meer info over de VVBHV kan u vinden
op hun website.

Spoorwegen in België
In 1985 verzorgde de VVIA, ter gelegenheid van 150 jaar spoorwegen in België, een herdruk van het eerste historisch overzicht dat ooit over de Belgische spoorlijnen verscheen: de 'Histoire des vingt-cinq premières années des chemins de fer en Belgique' van A. de Laveleye (1862).Dit werk (228 blz.) geeft lijn per lijn een overzicht van alle spoorverbindingen die op het ogenblik van de verschijning in uitbating of in aanleg waren, met uitbatingscijfers, technische gegevens, informatie over aandeelhouders en economische belangen, etc. Het is een ongelooflijke bron van informatie voor het tijdperk waarin de basis gelegd werd van het Belgische spoorwegnetwerk.
Aan deze uitgave werd een inleiding toegevoegd die de eerste 25 jaren van de spoorwegen kadert in de algemene spoorweg-geschiedenis, van het eerste paarden-getrokken lijntje aan Le Grand Hornu, tot het ontstaan van de NMBS, de elektrificatie, de buurtspoorwegen en de Belgische spoorwegbelangen in het buitenland (62 blz). Als naschrift werd gekozen voor het 10 bladzijden lange romantische gedicht van de Vlaamse dichter Karel Bogaerd, 'De Yzeren Wegen in België' (1861):

O spoorweg! bron van zegeningen
Die met een sterken broederband
De volken bindt, U wil ik zingen
Gy welvaert van myn Vaderland (...)

Bij de verhuis van de VVIA kwamen nog een aantal van deze boeken boven water.
Wij bieden ze nu aan onze leden aan tegen de prijs van 15 euro (verzending in België en naar Nederland inbegrepen).
Wie geïnteresseerd is in één van deze boeken stort het verschuldigde bedrag op bankrekening 462-7314161-68 van de VVIA met vermelding "... ex Spoorwegen in België" (vanuit Nederland: IBAN: BE82 4627 3141 6168, BIC: KREDBEBB)


naar boven


WEBSITES

40.000 Belgische historische postkaarten online
Met meer dan 40.000 historische postkaarten, foto's, knipsels en gravures van steden, gebouwen, landschappen, monumenten en kunstwerken in België uit het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw biedt de topografische collectie van de Gentse Universiteitsbibliotheek een unieke blik op het culturele bouwpatrimonium van België. Gegroepeerd op plaats en onderwerp wordt deze collectie nu online aangeboden aan het publiek. Voor architecten, kunsthistorici en erfgoedbeheerders is deze collectie van uitzonderlijk belang omdat zij ook beelden bevat van een deel van het historische patrimonium dat ondertussen verdwenen is.
De collectie zelf gaat terug op de verzameling Belgische Documentatie, in het begin van de 20ste eeuw opgezet met als doel het culturele erfgoed van ons land te inventariseren. In 1970 werd een deel van deze documentatie door het ACL, het huidige Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium, geschonken aan het HIKO (Hoger Instituut voor kunstgeschiedenis en Oudheidkunde) in Gent. In 2000 werd de collectie overgebracht naar de Universiteitsbibliotheek waar ze in 2006 werd gedigitaliseerd.
Bedrijven zijn nartuurlijk sterk in de minderheid, her en der zijn er wel enkele opgenomen (zoals de stokerij Van Thorenburg in Gent, in totaal 23 brouwerijen,...), stations en ook een aantal grote openbare werken kun je er wel vinden. Er zijn geen afbeeldingen van de steenkoolmijnen van Beringen, Winterslag, Waterschei,... - wél een reeks foto's van de mijnkerken, en daarnaast een hele reeks oude Kempische hoevetjes. De foto's geven dus zeker geen representatief beeld van hetgeen in ons land gebouwd werd.
Jammer genoeg werden de oorspronkelijke Franse beschrijvingen overgenomen (zodat men voor Kortrijk nog spreekt over de 'Ecole Notre Dame des Anges' (O.L.V. ter Engelen) en de 'Chapelle aux Puits' (de Putkapel). Jammer ook dat men in hoofdzaak slechts op stad/regio kan zoeken, en thematisch maar via een erg beperkt aantal zoektermen.
Om deze website te bekijken moet ook Adobe Flash versie 9 geïnstalleerd zijn op je computer .
Wie de site wil bezoeken
klikt hier

Pannenstraat
In 2007 bestaat Schulen 900 jaar als parochie. De gemeente Herk-de-Stad organiseert naar aanleiding hiervan een aantal initiatieven.
Maar: de inwoners van de Pannestraat wilden niet achterblijven!
Deze zomer organiseren ze een activiteit over de Schulense pannen en de Schulense pannebakkers! Ze duiken in de geschiedenis en zoeken uit hoe het nu zit met die bekende Schulense pannen.
Ze openden alvast een eigen website:
http://www.pannestraat.be . Daar vertellen ze wat ze al gevonden hebben  en houden ze belangstellenden op de hoogte van hun initiatieven en aktiviteiten.  Alvast een mooi en aanbevelenswaardig initiatief.

Toerisme en Spoorpatrimonium
De vzw 'Patrimoine Ferroviaire et Tourisme - Toerisme en Spoorpatrimonium' werd in 2005 opgericht door een aantal spoorwegliefhebbers. De doelstelling van de vereniging is het verwerven, bewaren en restaureren van oud, in onbruik geraakte, materieel van de Belgische Spoorwegen. Dit materieel is eigendom van de vereniging of van de leden die het aan de vereniging toevertrouwen. Het gaat hoofdzakelijk over gemotoriseerd rollend materieel maar ook andere getuigen van het verleden, zoals seinhuizen, overwegen en typische spoorse objecten worden bewaard.
De restauratie gebeurt volledig door vrijwilligers in hun vrije tijd. Momenteel wordt het reeds gerestaureerde materieel bewaard in ons Spoorwegmuseum te Saint-Ghislain (Henegouwen). De vzw krijgt trouwens de steun van de Koning Boudewijnstichting en giften kunnen via de KBS met belastingsaftrek aan PFT-TSP overgemaakt worden.
De aktieve vzw heeft niet alleen een perfect tweetalige
website maar op een eigen blog kun je de wedervaren volgen van de type 64-locomotief die de vereniging in Roemenië terugvond en het verhaal van zijn terugreis (nu bezig) naar België


naar boven


Waarom industriële archeologie zo interessant is ...
Uit recent onderzoek is het volgende gebleken :
Na opgravingen in de Russische bodem tot een diepte van 100meter hebben Russische wetenschappers resten gevonden van koperdraden, met een geschatte leeftijd van zo'n  1000 jaar. De Russen hebben hieruit de conclusie getrokken dat hun voorouders reeds 1000 jaar geleden beschikten over een kopernetwerk !
Om niet achter te blijven zijn Amerikaanse wetenschappers ook  hun  bodem gaan afgraven waarbij ze op een diepte van 200 meter resten van glasvezels aantroffen.Deze vezels bleken na onderzoek zo'n 2000 jaar oud te zijn, waaruit de Amerikanen concludeerden dat hun voorouders reeds 2000 jaar geleden al een zeer geavanceerd digitaal fibernetwerk in hun bezit hadden. En dat zo'n 1000 jaar voor de Russen...
Een week later hebben de Belgen het volgende rapport gepubliceerd: "Na opgravingen in de Belgische bodem, tot op een diepte van 500 meter, hebben Belgische wetenschappers helemaal niets gevonden."
De Belgen concluderen hieruit dat zo'n 5000 jaar geleden de Oude Belgen reeds in het bezit waren van een draadloos netwerk. 


naar boven